Enkele maanden geleden werd me officieus gevraagd om na afloop van de studieperiode in Graz een evaluatie op te maken van de geïnstalleerde IT-infrastructuur en bovenal de visie die gehanteerd wordt inzake digitale technieken en mogelijkheden. Dat een computer hier als meer aanzien wordt dan een tekeninstrument zal reeds duidelijk gebleken zijn. Echter, enkele algemene aanpakken lijken ook danig te verschillen van de gekende methodologieën. In dit artikel – wat mogelijk uitgroeit tot een artikelreeks – wil ik alvast enkele persoonlijke visies delen omtrent de infrastructuur.
Een eerste element dat opvalt, is dat niet zozeer de infrastructuur danig verschilt dan wel de manier waarop die infrastructuur benut wordt. Daarmee wil ik zeggen dat in Antwerpen, net als in Graz, computerlabo’s ter beschikking staan van de studenten. Althans, in Antwerpen is er een computerlabo, maar ben je als student afhankelijk van een al dan niet geplande cursus. Indien er een cursus aan de gang is, is het bijgevolg onmogelijk om computers te benutten. Je kan dan wel vertrouwen op een eigen laptop, maar dan ben je weer afhankelijk van het draadloze netwerk dat én niet in alle uithoeken beschikbaar is én slechts werkt aan een beperkte verbindingssnelheid.
In Graz zijn er computerlabo’s die net als in Antwerpen van tijd tot tijd bezet zijn in het kader van een cursus, en niet toegankelijk zijn voor buitenstaanders op dat moment. Echter, her en der zijn ook aansluitingen voorzien om enerzijds op een eigen laptop te werken (met voldoende stroomvoorzieningen én Ethernet-verbinding), maar zijn er ook her en der EDV-Lernzentren voorzien waar mini-PC’s met scherm ter beschikking staan van de student. Het betreft meestal 19″-monitors, en de PC’s beschikken over alle mogelijke aansluitingen: USB, FireWire, DVD-R/RW, et cetera. Je hebt dan ook toegang tot je netwerkschijf, je persoonlijke webruimte, en kan printen op de meest nabijgelegen printers. Desondanks wordt aanbevolen om print-opdrachten rechtstreeks op de printer te starten, door je sleutelkaart in een betaalautomaat te plaatsen, en een USB-stick te verbinden aan de printer. Alle netwerkproblemen worden op die manier vermeden.

Dit alles laat toe om steeds te kunnen werken, op een persoonlijke account en locatie, toegang te hebben tot printers, en dergelijke meer. Alles is daarbij platform-onafhankelijk. Zo kan men in Antwerpen niet afdrukken vanop een Apple computer, hetgeen in Graz probleemloos blijkt te werken.
Uiteraard is in deze kwestie steeds het aspect van de financiering een belangrijk onderdeel. Ik wil ook niet betwisten dat TU Graz inderdaad kan beschikken over grotere budgetten, en een hogere return on investment kan bewerkstelligen, met 11.000 studenten. Desondanks is IT nu eenmaal niet meer weg te denken uit enige studierichting, en is een ononderbroken toegang tot alle bronnen dan ook onontbeerlijk. Studenten zijn uiteraard in de eerste plaats zelf verantwoordelijk om de systemen met het nodige respect te behandelen. Ook op dat vlak is het verschil met België groot: de Oostenrijkers hebben een sterker gemeenschapsdenken, wat ook anderen toebehoort dient respectvol behandeld te worden.
Kortom: individuele laptops in een architectuuropleiding? Ik denk het wel. Het is mijns inziens echter geen uitsluitende oplossing. Tegenover die investering door studenten – het is in deze opleiding moeilijk om met één computer de ganse studie af te werken – moet de nodige ondersteuning staan van de informatica-diensten van de hogeschool: toegang tot een draadloos en bij voorkeur een bedraad netwerk, universele toegang tot bestanden (zowel van thuis uit), systeem-onafhankelijke processen (zodat bijvoorbeeld afdrukken gemaakt kunnen worden vanop Windows- en Apple-computers), en een basishulpverlening naar studenten toe. Die basishulpverlening kan echter ook gereduceerd worden indien studenten in de eerste maanden van hun opleiding ook enig technisch inzicht verwerven in computers. Deze stap wordt in onderwijs maar al te vaak over het hoofd gezien, en lijdt tot een onnoemelijke hoeveelheid kopzorgen later.
In een volgend artikel wil ik voornamelijk de voordelen bespreken van het invoeren van weblogs (en andere communicatiekanalen) voor creatieve en praktijkgerichte vakken. Dat zulke online bibliotheken van groot belang zijn voor aspirant-architecten mag duidelijk zijn. Echter, ook op dat vlak is vorming van de studenten noodzakelijk om een gepast en functioneel gebruik te stimuleren. In een tweede instantie is de naadloze integratie van deze systemen in cursussen een essentiële stap.

Plaats een reactie \